De les lezen?
Het nieuws dat Het Zoutpad van Raynor Winn wel eens minder ‘waar’ zou kunnen zijn gebeurd dan de schrijver en uitgever de lezer beloofden, heeft aardig wat stof doen opwaaien. Mijn dagblad, een kwaliteitskrant, wijdde er zelfs een paar pagina’s aan door lezers aan het woord te laten die dezelfde lange-afstandswandeling aan het lopen waren als het echtpaar in de roman. Waren zij nu teleurgesteld? Of maakte het hun niet uit?
Het is een controverse die steeds in een of andere gedaante terugkeert: is kennis van het leven van de schrijver van betekenis voor de waardering van een boek of doet die er niet toe?

Onlangs las ik twee boeiende romans waarin een schrijver voorkomt die wordt geïnterviewd. De kroon met twee pieken van de Vlaamse schrijver Guido van Heulendonk, en De val van Tammy Davidson van Lex Passchier. In beide interviews komen de geïnterviewde schrijvers met dezelfde ‘boodschap’: een boek is een boek, een verhaal een verhaal. Het is niet aan de lezer om de schrijver achter of in dat verhaal tevoorschijn te toveren. Je moet het verhaal lezen alsof het helemaal is losgezongen van de schrijver, dus als kunstwerk met een eigen identiteit.
Het is alsof de beide auteurs van deze romans, de scheppers van de geïnterviewde schrijvers, van Heulendonk en Passchier, via hun romanpersonages de lezer, of misschien nog meer: journalisten, de les willen lezen. ‘Lezer, journalist, bespaar ons, schrijvers, jouw onfrisse nieuwsgierigheid naar onze persoonlijke levens. Die zijn privé. Het gaat om het boek, niet om ons!’
Daar kan ik het alleen maar mee eens zijn.
Blijft de vraag waar die nieuwsgierigheid naar de schrijver achter de roman dan vandaan komt. En waarom uitgevers op de omslag vermelden dat de roman ‘waargebeurd’ is.
Het is in elk geval een kennelijk succesvolle marketingstrategie.
(Dit blog verscheen 29 augustus 2025 ook als column in de Voorschotense Krant)









