Na elkaar lezen

Na elkaar lezen

Alberto Manguel schreef een aantal prachtige boeken over lezen. Ik kan ze echt aanraden: Een geschiedenis van het lezen, Dagboek van een lezer en De kunst van het lezen. Manguel is heel goed in het registreren van zijn leeservaringen: wat gebeurt er met je als je leest, wat doet een boek met je? Zo las ik ergens bij hem de waarneming dat je het volgende boek altijd leest met de ervaring van het vorige boek nog in het geheugen. ‘Elk boek beïnvloedt op een grillige manier hoe ik het boek erna lees,’ schrijft hij. Je zit met je hoofd nog vast in of aan het vorige boek. Die ervaring blijkt maar al te waar. Dat merkte ik kort geleden zelf. Ik las toen kort na elkaar drie heel verschillende boeken.

Sneeuwvlokken

Het eerste boek was Sneeuwvlokken in Teheran van Marjan Kamali. Een boek over een gezin dat Iran ontvlucht na de inval door Irak in 1980. Het gezin belandt in de VS en vestigt zich daar. Toch blijft het in de ervaring van de moeder en de dochter wringen. Ze hebben het gevoel te leven in twee werelden en moeten daar een oplossing voor zien te vinden. Kamali laat in deze roman overtuigend zien hoe moeilijk het is om noodgedwongen je land te moeten verlaten om elders een bestaan op te bouwen. Een mooie roman dus, dat zeker, maar qua stijl van schrijven weinig bijzonder. Ik las geen verrassende beelden, geen zinnen die me raakten, een weinig sprankelende verteltrant dus. Mijn verbeelding werd er niet door aangewakkerd.

Zielland

Nee, dan Zielland van romanschrijfster, columniste en filosofe Désanne van Brederode, de roman die ik daarna las! Wat een verschil.

Zielland is een echte ‘wat … als’-roman. Wat als wel gebeurde wat in het echt niet gebeurd is: Joseph Goebbels, Hitlers prominente propagandaminister, verlaat zijn vrouw en zijn twee kinderen om met zijn minnares en grote liefde, een filmactrice, naar Tokio te verhuizen. Daar begint hij een nieuw en succesvol leven; het verleden laat hem echter niet los. 

Het is een uitdagend gedachte-experiment vol (quasi) filosofische overdenkingen in het hoofd en dagboek van de hoofdpersoon, Goebbels dus.  

Wat me vooral opviel was de stijl. Sommige recensenten noemen deze stroperig. Zelf aarzel ik over het woord ‘stroef’. Dat komt omdat het boek niet, zoals dat van Kamali, lekker snel wegleest. De taal, of beter, de vele gedachten worden compact opgeschreven en waaieren ook nog eens alle kanten uit. Als lezer moet je aan het werk. 

Het lied

En toen, ja toen las ik Het lied van ooievaar en dromedaris, de veelgeprezen roman van Anjet Daanje, vorig jaar bekroond met de Boekenbon Literatuurprijs 2022 en kanshebber voor de Libris Literatuurprijs 2023. Een dikke pil van maar liefst 655 stevig pagina’s vol verhalen die op steeds andere wijze met elkaar verbonden zijn. Ik las het met stijgende bewondering voor de geweldige verbeelding van de auteur, voor de bijzondere compositie en de formidabele stijl. En omdat ik het vooral heb over stijlverschillen in de drie romans wil ik dat verduidelijken. 

De stijl was een verademing na de bloemrijke taal van Van Brederode. Niet dat Daanje net zo rechttoe rechtaan vertelt als Kamali, dat zeker niet. En toch is de verteltrant rustig, zakelijk, mededelend, beheerst, gecontroleerd. Het is alsof je in elk hoofdstuk begint met een nieuwe biografie, inclusief geboortedatum aan het begin en sterfdatum aan het eind. Het bevat heel veel informatie maar altijd verbonden aan een mensenleven. Dus geen geopolitieke beschouwingen, maar herkenbare ‘concrete’ levensgeschiedenissen. En dat in een consequent prettig tempo, met een fijne toon en een rijke woordkeus- ik heb ervan genoten! 

(Dit blog verschijnt gelijktijdig in de Voorschotense Krant)

Na elkaar lezen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *